Een stukje originele stof met de Jodenster gemaakt bij NV Stoomweverij Nijverheid. Bron: ‘Een eigen patroon, geschiedenis van een joodse familie en haar bedrijven, ca. 1800-1964, Francisca de Haan.
Joodse Raad Enschede
Oktober 1941 geven de heren Siegmund Menko, Isidoor van Dam en Gerard Sanders gehoor aan het verzoek om een Joodse Raad Enschede op te richten. De heren Menko en Van Dam zijn tot de oorlog zelfstandig ondernemers in de textielindustrie en de heer Sanders is procuratiehouder bij NV Stoomweverij Nijverheid. Sanders is de jongste, maar valt vooral op door zijn overwicht en overzicht en zijn organisatorische talent. Terwijl de heer Menko als enige Jood een lidmaatschap heeft bij de herensociëteit en daardoor contacten weet te leggen met de niet-Joodse textielfabrikanten heeft Sanders contacten bij de politie en met Ds. L. Overduin.
Tijdens een vergadering in Amsterdam, met alle provinciale Raden, informeert de heer Menko hoe er omgegaan dient te worden met de ‘onderduik’. De heer Cohen slaat de vergadering af en meldt buiten de notulen om: ‘dat woord komt in ons vocabulaire niet voor’. De heer Menko neemt daarvan akte en vertrekt om vervolgens nooit meer aanwezig te zijn bij de vergaderingen in Amsterdam.
Menko is als eigenaar van een grote textielfabriek gewend om opdrachten te geven in plaats van ze aan te nemen. De Joodse Raad Enschede vaart een geheel eigen koers en gaat samenwerken met de politie en Ds. L. Overduin. Na de oorlog blijkt dat de niet-Joodse textielfabriekanten, waarmee de heer Menko contacten heeft, een gedeelte van de financiën voor de onderduik bij elkaar gebracht te hebben.
Door deze houding van tegenwerkend meewerken en alle hulp van o.a. de politie en het netwerk van Ds. L. Overduin, hebben veel Joodse mensen in Enschede de oorlog via de onderduik weten te overleven. Aan het begin van de oorlog waren er in Enschede ongeveer 1371 Joden geregistreerd. Na de oorlog kwamen er ongeveer 500 terug. Het percentage teruggekeerde Joden bleek in Enschede tien procent hoger te liggen dan het landelijke percentage.